
Vrijdag, kwart voor zes. Een jobstudent springt in voor een collega die ziek naar huis is, en de zaakvoerder denkt: die papieren regel ik maandag wel. Die ene beslissing kost in 2026 precies 3.674,09 euro per werknemer als de sociale inspectie langskomt, want een ontbrekende Dimona wordt forfaitair beboet. Een student aangeven in Dimona duurt nochtans twee minuten.
Het probleem zit zelden in de handeling zelf. Het zit in de details die bij een jobstudent anders liggen dan bij een vaste medewerker: het werknemerstype, de geplande uren, en het feit dat u per kwartaal aangeeft in plaats van per contract. Wie die drie dingen door elkaar haalt, verbrandt contingent bij zijn studenten of verliest achteraf het gunsttarief.
Een Dimona is de onmiddellijke aangifte van tewerkstelling bij de RSZ. Voor een jobstudent gebruikt u niet zomaar dezelfde aangifte als voor uw kok of uw winkelverantwoordelijke. U kiest het werknemerstype STU, en dan verschijnt er een veld dat bij geen enkel ander statuut staat: het aantal geplande uren.
Die geplande uren zijn geen formaliteit. Ze worden rechtstreeks afgetrokken van het urenpakket van de student, de befaamde 650 uur per kalenderjaar die sinds 1 januari 2025 de norm is. Geeft u 200 uur aan terwijl de student er 90 komt doen, dan staan er 110 uur nodeloos geblokkeerd op zijn teller. Voor de student is dat vervelend; voor u is het de reden waarom hij in november plots zegt dat zijn pakket op is.
De administratieve instructies van de RSZ zijn op dat punt letterlijk: u vermeldt voor ieder kwartaal van tewerkstelling het aantal geplande uren, zoals voorzien in de studentenovereenkomst. Niet het maximum dat theoretisch mogelijk is. Wat er in de overeenkomst staat.
| Gewone Dimona | Dimona STU | |
| Werknemerstype | Het type dat bij het statuut hoort | STU |
| Geplande uren | Niet gevraagd | Verplicht, per kwartaal |
| Aangifteperiode | Volledige contractduur in één aangifte | Eén aangifte per kwartaal waarin gewerkt wordt |
| Impact op het contingent | Geen | Uren gaan af van de 650 uur van de student |
| Correctie achteraf | Beperkt | Tot de laatste dag van de maand na het kwartaal |
Nog een verschil dat veel werkgevers verrast: een kwartaal met nul uren bestaat niet. Werkt de student uiteindelijk niet in dat kwartaal, dan annuleert u de aangifte. U zet ze niet op nul.
Verzamel dit voor u inlogt, dan bent u er in twee minuten door:
Dat laatste punt veronderstelt dus dat de overeenkomst er al is. Chronologisch klopt dat ook: eerst tekenen, dan aangeven, dan werken.
Stap 1. Log in op de portaalsite van de sociale zekerheid met uw eID, itsme of de toegang van uw sociaal secretariaat. Kies de dienst Dimona en daarna een nieuwe aangifte.
Stap 2. Selecteer het werknemerstype STU. Dit is de stap waar het vaakst wordt misgeklikt, zeker bij wie ook flexi-jobbers en extra’s aangeeft en gewoon het eerste type in de lijst neemt. Verkeerd type betekent verkeerd bijdragetarief.
Stap 3. Vul de periode in, binnen één kwartaal. Loopt de studentenovereenkomst van 15 december tot 15 januari, dan dient u twee aangiftes in: één voor het vierde kwartaal en één voor het eerste kwartaal van het volgende jaar. Eén enkele Dimona over de jaarwisseling heen bestaat niet voor studenten.
Stap 4. Geef de geplande uren op. Realistisch, niet defensief. Twaalf zaterdagen van acht uur is 96 uur, geen 150.
Stap 5. Bevestig en bewaar het ontvangstbewijs. U krijgt een Dimona-nummer terug. Dat nummer is uw bewijs bij een controle, en het is ook wat u nodig hebt om achteraf te wijzigen of te annuleren.
Loopt de tewerkstelling ten einde op de voorziene datum, dan hoeft u niets meer te doen. Stopt de student vroeger, dan volgt er een Dimona OUT.
De regel is scherp en laat geen marge: de Dimona IN moet ingediend zijn uiterlijk op het tijdstip waarop de student zijn prestaties aanvat. Niet op het einde van de shift, niet de volgende ochtend. Voor hij aan de slag gaat.
De Dimona OUT volgt uiterlijk de eerste werkdag na het einde van de arbeidsrelatie. Dat is meteen de reden waarom de vrijdagavond-reflex zo duur uitvalt: de inspectie die om acht uur binnenkomt, kijkt niet naar wat u van plan was maandag te doen.
Bij Shyfter zien we die situatie vooral in zaken waar de planning nog op papier of in een groepsgesprek leeft. Iemand valt uit, er wordt gebeld, er komt iemand invallen, en de administratieve reflex ontbreekt op dat moment. Wie zijn personeelsplanning en zijn aangiftes in hetzelfde systeem heeft zitten, heeft dat gat gewoon niet.
Hier zit het stukje goed nieuws. U mag het aantal geplande uren aanpassen tot op de laatste dag van de maand die volgt op het betrokken aangiftekwartaal. Voor het derde kwartaal, de klassieke zomerperiode, hebt u dus tijd tot 31 oktober.
Wat dat concreet oplevert, ziet u het best aan een voorbeeld. Neem een brasserie aan de Gentse Korenmarkt die drie studenten inzet tijdens de Gentse Feesten en de nazomer.
| Kwartaal | Periode | Aangegeven geplande uren | Effectief gepresteerd | Te corrigeren |
| Q2 2026 | 15 juni tot 30 juni | 40 | 40 | 0 |
| Q3 2026 | 1 juli tot 31 augustus | 120 | 78 | 42 uur terug naar de student |
| Q4 2026 | 3 oktober tot 20 december | 60 | 60 | 0 |
Die 42 uur zijn geen detail. Ze gaan terug naar het pakket van de student, die daardoor in december nog aan het gunsttarief kan werken in plaats van onder gewone bijdragen te vallen. Een correctie van twee minuten, uitgevoerd voor 31 oktober.
Let wel op één beperking: eens de kwartaalaangifte DmfA verwerkt is, hebben latere Dimona-wijzigingen geen effect meer op de berekening van het contingent. De volgorde telt.
Twee rekeningen, en ze stapelen op elkaar.
De eerste is de solidariteitsbijdrage wegens nalatigheid Dimona. Die is forfaitair vastgelegd op drie keer de basisbijdragen op het gewaarborgd gemiddeld minimum maandinkomen, met een geïndexeerd minimum. Voor 2026 komt dat neer op 3.674,09 euro per betrokken werknemer, op basis van artikel 22quater van de wet van 27 juni 1969. Drie niet-aangegeven studenten op een zaterdagavond, en u zit boven de elfduizend euro.
De tweede is strafrechtelijk. Het ontbreken van een Dimona valt onder artikel 181 van het Sociaal Strafwetboek en wordt gesanctioneerd op niveau 4, het zwaarste niveau. De boete wordt vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers.
Daar komt nog het verlies van het gunsttarief bovenop. Zolang de uren binnen het contingent van 650 uur vallen en correct in Dimona staan als STU, betaalt u geen gewone RSZ maar een solidariteitsbijdrage van 8,13 procent: 5,42 procent voor u, 2,71 procent voor de student. In het eerste en tweede kwartaal komt daar 0,01 procent bij voor het Asbestfonds.
Reken het uit op een shift van acht uur aan 13 euro bruto, dus 104 euro. U betaalt 5,64 euro werkgeversbijdrage, de student draagt 2,82 euro. Valt diezelfde shift buiten het contingent of buiten een geldige aangifte, dan spreken we over de gewone werknemersbijdrage van 13,07 procent plus volledige werkgeverslasten. Het verschil per student per zomer loopt vlot op tot enkele honderden euro’s.
Drie klassiekers, telkens met dezelfde oorzaak: de aangifte wordt losgekoppeld van de planning.
De eerste is te ruim aangeven uit voorzichtigheid. Een bakkerijketen met vier winkels rond Leuven gaf voor de eindejaarsperiode elf jobstudenten aan met telkens 150 geplande uren, terwijl er gemiddeld 62 gepresteerd werd. Resultaat: bijna duizend uur onnodig geblokkeerd bij studenten die in januari opnieuw wilden komen werken. De correctie was mogelijk, maar niemand had eraan gedacht voor de deadline.
De tweede is de aangifte die over twee kwartalen loopt. Contract van 15 december tot 15 januari, één Dimona, en de aangifte van januari die er nooit komt. Dat merkt u pas bij de DmfA.
De derde is de student die u aangeeft als gewone werknemer omdat het type STU niet in de lijst leek te staan. Dan is er wel een Dimona, maar geen solidariteitstarief. En dat repareren kost meer tijd dan het correct doen.
Wat die drie gemeen hebben, is dat ze verdwijnen zodra de aangifte vertrekt vanuit de effectieve planning. Onze module voor Dimona-aangiften genereert de aangifte rechtstreeks vanuit de shifts die u inroostert, met het juiste werknemerstype en het juiste aantal uren per kwartaal. Wie het bredere kader wil, vindt de basisregels in onze gids over de Dimona-aangifte in België en de volledige uitleg over loon en fiscus in het overzicht van studentenarbeid in België.
Nog een praktische reflex die weinig werkgevers kennen: laat uw student zijn resterende saldo tonen via de app Student at work voor u de planning vastlegt. Duurt tien seconden en voorkomt de discussie in december.
Wie zijn planning maakt in Shyfter, maakt zijn Dimona STU mee in hetzelfde scherm: het juiste type, de geplande uren per kwartaal, en een waarschuwing wanneer een student tegen zijn 650 uur aanloopt. Geen tweede tool, geen vrijdagavond-vergetelheid.
Vraag uw gratis demo aan en we tonen u in twintig minuten hoe dat er voor uw zaak uitziet.
Ja. De aangifte gebeurt per kwartaal van tewerkstelling, met telkens het aantal geplande uren voor dat kwartaal. Loopt de studentenovereenkomst over twee kwartalen, dan dient u twee aangiftes in. Een kwartaal zonder prestaties geeft u niet aan met nul uren, dat annuleert u.
Dat kan tot de laatste dag van de maand die volgt op het betrokken kwartaal. Voor het derde kwartaal hebt u dus tijd tot 31 oktober. De niet-gepresteerde uren komen dan terug in het pakket van 650 uur van de student. Eens de DmfA verwerkt is, heeft een latere wijziging geen effect meer op het contingent.
Vanaf het eerste uur boven het contingent vervalt het voordelige tarief en gelden de gewone sociale bijdragen, met 13,07 procent werknemersbijdrage en de normale werkgeverslasten. Het pakket wordt geteld over alle werkgevers samen, dus uw aangifte zegt niets over wat de student elders al gepresteerd heeft. Laat hem zijn saldo tonen voor u hem inplant.
Ja, ook voor één shift. De aangifte moet binnen zijn uiterlijk op het tijdstip waarop de student begint te werken. Bij een ontbrekende aangifte rekent de RSZ een forfaitaire solidariteitsbijdrage aan van 3.674,09 euro voor 2026 per betrokken werknemer, los van de strafrechtelijke sanctie van niveau 4.