
Een deeltijdse verkoopster in een kledingwinkel in Hasselt staat ingeroosterd van 13 tot 17 uur. Een collega meldt zich ziek, ze blijft tot half zeven en de zaakvoerster noteert dat vrijdag in een schriftje, samen met de rest van de week. Dat ene schriftje volstaat niet: een afwijkingsregister moet op het moment zelf worden ingevuld, niet achteraf, en wie dat niet doet, riskeert dat de inspectie de deeltijdse werknemer als voltijds beschouwt.
Dit artikel legt uit wat een afwijkingsregister is, wat er wettelijk in moet, hoe een correct ingevulde week eruitziet, en wat het kost als het ontbreekt.
Een afwijkingsregister (officieel: het document voor de optekening van afwijkingen, vaak ook afwijkingsdocument genoemd) is het controledocument waarin u elke prestatie van een deeltijdse werknemer noteert die buiten zijn bekendgemaakt werkrooster valt. Begint iemand vroeger, stopt hij later of komt hij op een dag die niet in zijn rooster staat, dan moet dat erin.
De basis staat in de artikelen 157 tot 171 van de Programmawet van 22 december 1989. Het model werd vastgelegd bij koninklijk besluit van 8 maart 1990. De FOD Werkgelegenheid vat de regels samen op zijn themapagina over het toezicht op de prestaties van deeltijdse werknemers, en die pagina is de referentie die de sociale inspectie zelf hanteert.
Waarom bestaat dit document? Simpel. De wetgever wil kunnen controleren dat een deeltijds contract ook echt deeltijds is, en niet een voltijdse job die op papier als twintig uur per week wordt aangegeven om RSZ te besparen. Het rooster zegt wat er gepland was. Het afwijkingsregister zegt wat er afweek.
Het geldt voor deeltijdsen met een vast rooster én voor deeltijdsen met een variabel uurrooster. Bij die laatste groep is het referentiepunt het rooster dat u individueel en schriftelijk hebt meegedeeld, minstens 7 werkdagen vooraf (via sectorale cao minimaal 3 werkdagen). Hoe dat kader eruitziet, leest u in ons artikel over het variabel uurrooster voor deeltijdse werknemers.
De lijst is kort, en dat maakt het verraderlijk: iedereen denkt dat hij in orde is. De FOD Werkgelegenheid vraagt per afwijking de volgende gegevens:
Het document mag op papier of elektronisch worden bijgehouden. Het moet ter inzage liggen op de plaats waar ook het arbeidsreglement kan worden geraadpleegd, zodat een inspecteur het kan opvragen zonder dat u eerst naar het sociaal secretariaat moet bellen.
De bewaartermijn is lang: vijf jaar na het einde van de maand die volgt op het kwartaal waarin de laatste vermelding werd ingeschreven. Een afwijking van 15 januari 2026 moet u dus bewaren tot eind april 2031.
Op het moment zelf. Dat is de regel die het vaakst wordt overtreden. De vermelding van het beginuur gebeurt wanneer de prestatie begint, het einduur wanneer ze eindigt, en de pauze bij het begin en het einde van die pauze. Securex schrijft het in zijn checklist voor deeltijdse arbeid zonder omwegen: juridisch volstaat het niet om het register op het einde van de dag of één keer per week in te vullen, het moet onmiddellijk.
Concreet betekent dat: de werknemer die om 17 uur had moeten stoppen en doorwerkt, moet om 17 uur ergens aangeven dat hij blijft, en om 18.30 uur dat hij vertrekt. Niet de volgende ochtend.
Hieronder een week uit een broodjeszaak in Antwerpen met twee deeltijdse medewerkers. Jonas werkt 20 uur per week (ma-vr, 11 tot 15 uur), Fatima 24 uur op een variabel uurrooster. We tonen alleen wat in het register hoort te staan.
| Datum | Werknemer | Rooster volgens contract of mededeling | Begin prestatie | Begin pauze | Einde pauze | Einde prestatie | Opmerking (niet verplicht) |
| ma 12/10/2026 | Jonas Peeters | 11:00-15:00 | 10:15 | - | - | 15:00 | Levering vroeger binnen |
| wo 14/10/2026 | Jonas Peeters | 11:00-15:00 | 11:00 | - | - | 16:30 | Collega ziek |
| do 15/10/2026 | Fatima El Idrissi | vrij (niet ingeroosterd) | 11:30 | 14:00 | 14:30 | 17:00 | Vervanging Jonas |
| vr 16/10/2026 | Fatima El Idrissi | 07:00-13:00 | 07:00 | - | - | 14:15 | Catering bestelling |
| za 17/10/2026 | Jonas Peeters | vrij (niet ingeroosterd) | 09:00 | 12:00 | 12:30 | 14:00 | Markt |
Vijf regels, één week. Merk op dat de opmerkingskolom niet wettelijk verplicht is, maar bij een controle helpt ze om uit te leggen waarom de uren afweken. Merk ook op dat een vroegere start (maandag) evengoed een afwijking is als een late afsluiting. Dat vergeten zaakvoerders vaak.
Wat staat er niet in? De dagen waarop Jonas en Fatima gewoon volgens rooster werkten. Die hoeft u niet te noteren, op voorwaarde dat het rooster correct werd bekendgemaakt.
Twee dingen, en ze tellen bij elkaar op.
Eerst het vermoeden van voltijdse arbeid. Ontbreekt het document, of ontbreekt een correcte bekendmaking van het rooster, dan worden de deeltijdse werknemers vermoed hun prestaties als voltijdse werknemer te hebben uitgevoerd (artikel 22ter van de RSZ-wet). Dat vermoeden is weerlegbaar, maar de bewijslast ligt dan bij u. En wie geen register heeft, heeft meestal ook geen ander bewijs.
Wat dat kost, is te berekenen. Neem de broodjeszaak uit het voorbeeld en stel dat een voltijds loon in die functie 2 800 euro bruto per maand bedraagt. Jonas werkt 20 op 38 uur en verdient dus 1 473,68 euro. Wordt hij als voltijds beschouwd, dan rekent de RSZ bijdragen op 1 326,32 euro extra loon per maand. Met 24,92 % werkgeversbijdragen en 13,07 % werknemersbijdragen komt dat op 503,87 euro per maand, of 1 511,61 euro per kwartaal. Voor één werknemer.
Daarna de sanctie zelf. Een deeltijdse werknemer tewerkstellen buiten zijn bekendgemaakt rooster zonder de afwijking op te tekenen, is volgens Securex een inbreuk van niveau 3 in het Sociaal Strafwetboek. De documenten niet vijf jaar bewaren valt onder niveau 2. Sinds 1 september 2026 geldt een nieuw boetebarema:
| Niveau | Strafrechtelijke geldboete | Administratieve geldboete | Voorbeeld van inbreuk |
| 2 | 500 - 5 000 euro | 250 - 2 500 euro | afwijkingsdocument niet vijf jaar bewaard |
| 3 | 2 000 - 20 000 euro | 1 000 - 10 000 euro | afwijking niet opgetekend, rooster niet bekendgemaakt |
Die bedragen worden vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers, tot maximaal 100. Een supermarkt in Leuven met twaalf deeltijdse kassiersters zonder sluitend register zit bij een administratieve boete dus al snel op 12 000 euro als minimum, nog vóór er één euro RSZ werd teruggevorderd.
De wet laat een alternatief toe voor het afwijkingsregister: een tijdregistratiesysteem. Wie zo’n systeem gebruikt, hoeft geen apart afwijkingsdocument bij te houden. De FOD Werkgelegenheid stelt er wel voorwaarden aan. Het systeem moet de identiteit van de werknemer registreren, per dag het begin en het einde van de prestaties én van de rustpauzes vastleggen, toegankelijk zijn voor de werknemers en de inspectie, de gegevens minstens vijf jaar bewaren, en de bevoegdheden van de vakbondsafvaardiging respecteren (cao nr. 5 van 24 mei 1971). Elektronisch hoeft niet: een mechanische prikklok mag ook.
| Methode | Moment van registratie | Pauzes | Bewaring 5 jaar | Risico bij controle |
| Papieren register op de werkvloer | hangt af van de discipline van wie noteert | manueel | ja, als niemand het kwijtraakt | groot: achteraf ingevuld is meteen zichtbaar |
| Excel-bestand | meestal ’s avonds of op vrijdag | vaak vergeten | ja, maar wijzigbaar zonder spoor | groot: geen bewijs van het moment van invullen |
| Tijdregistratiesysteem (prikklok, app) | bij het in- en uitklokken | geregistreerd bij elke pauze | automatisch | klein, als het systeem aan de voorwaarden voldoet |
Over Excel willen we eerlijk zijn: verboden is het niet, want elektronisch is toegelaten. Maar een rekenblad dat op vrijdag wordt bijgewerkt, voldoet niet aan de regel van de onmiddellijke registratie, en niemand kan bewijzen wanneer een cel werd ingevuld. Wie toch met een rekenblad werkt, vindt in ons artikel over urenregistratie in Excel waar dat model breekt.
Bij Shyfter zien we vaak hetzelfde patroon. Een zaak met vijf of zes deeltijdsen begint met een schriftje, groeit naar vijftien medewerkers, en merkt bij de eerste controle dat de helft van de afwijkingen nooit werd opgeschreven, simpelweg omdat de verantwoordelijke op dat moment achter de toog stond. Het probleem is zelden de wil. Het is het moment.
Daarom werkt een systeem waarbij de werknemer zelf in- en uitklokt beter: de registratie gebeurt op het enige moment dat telt, zonder dat iemand eraan moet denken. Met de digitale tikklok van Shyfter klokken medewerkers in via tablet, smartphone of computer, met een persoonlijke pincode, en bewaart het systeem een historiek van werkuren, pauzes en aanpassingen. Een correctie door de verantwoordelijke blijft zichtbaar, wat precies is wat een inspecteur wil zien. De eindverantwoordelijkheid voor uw arbeidsreglement en uw contracten blijft wel bij u als werkgever.
Nog iets wat we op het terrein tegenkomen. Afwijkingen ontstaan bijna altijd door een last-minute wijziging in de planning, zoals een zieke collega of een drukke zaterdag. Wie die vervanging in hetzelfde systeem plant als waar geklokt wordt, ziet het verschil tussen gepland en gepresteerd meteen naast elkaar staan.
Misschien. Een algemene verplichting om de arbeidstijd van alle werknemers te registreren is aangekondigd voor 1 januari 2027, maar eind september 2026 was de tekst nog niet gestemd. Wat er wel vaststaat: de verplichting voor deeltijdsen bestaat al sinds 1990 en is vandaag van toepassing, los van wat er in 2027 komt.
Wie nu een tijdregistratiesysteem invoert dat voldoet aan de voorwaarden voor deeltijdsen, staat al een stap verder als de algemene regel er komt. De stand van zaken volgen we in ons dossier over verplichte tijdregistratie in België vanaf 2027. En in sectoren waar deeltijds werk de norm is, zoals de schoonmaak, lees ook ons artikel over het deeltijds arbeidscontract in de schoonmaaksector.
Een afwijkingsregister is geen ingewikkeld document. Het wordt pas lastig omdat het op het juiste moment moet worden ingevuld, door mensen die op dat moment iets anders aan het doen zijn. Wilt u zien hoe planning en tikklok in Shyfter samen elke afwijking van een deeltijdse werknemer vastleggen, zonder schriftje en zonder rekenblad? Vraag een gratis demo aan en we tonen het u op uw eigen roosters.
Het document moet beschikbaar zijn zodra u deeltijdse werknemers tewerkstelt, ook als er weinig in staat. Het is net het bewijs dat er geen afwijkingen waren. Zonder register en zonder geldig tijdregistratiesysteem speelt het vermoeden van voltijdse arbeid.
Een elektronisch document is toegelaten, maar het moet onmiddellijk worden ingevuld: bij het begin en het einde van de afwijkende prestatie en van elke pauze. Een rekenblad dat achteraf wordt bijgewerkt, voldoet daar niet aan en bewijst niet wanneer een gegeven werd ingevoerd. Een tijdregistratiesysteem met in- en uitklokken lost dat op.
Vijf jaar na het einde van de maand die volgt op het kwartaal waarin de laatste vermelding werd ingeschreven. Het moet ter inzage liggen op de plaats waar het arbeidsreglement kan worden geraadpleegd. Wie die bewaartermijn niet respecteert, begaat een inbreuk van niveau 2 in het Sociaal Strafwetboek.
Het afwijkingsregister hoort bij de regels voor deeltijdse arbeid uit de Programmawet van 1989. Voor jobstudenten en flexi-jobbers komen daar eigen regels bij, onder meer rond de Dimona-aangifte, en of het register voor hen geldt, hangt af van hun contract. Twijfelt u voor een specifieke werknemer, vraag het dan na bij uw sociaal secretariaat.