We hebben net een nieuwe functie gelanceerd! Bekijk het nieuwe dashboard.

Tijdelijke werkloosheid in België 2026: de gids voor werkgevers

Door

Brice Feron

Head of Revenue Operations

Bijgewerkt op

13/7/2026

In het kort: Tijdelijke werkloosheid laat u toe om de arbeidsovereenkomst tijdelijk te schorsen wanneer er even geen werk is, zonder iemand te moeten ontslaan. De werknemer krijgt dan een uitkering van de RVA: 65% van het begrensde brutoloon, geplafonneerd op 3.500,99 euro per maand sinds 01.03.2026, waarop 26,75% bedrijfsvoorheffing wordt ingehouden. Voor arbeiders bestaat het systeem al lang. Voor bedienden geldt een strengere procedure via CAO nr. 183, die loopt tot 30 juni 2029. Bovenop de uitkering betaalt u als werkgever een toeslag per werkloosheidsdag.

Januari in een brasserie op de Antwerpse Groenplaats. De feestdagen zijn voorbij, de terrasstoelen staan binnen en het is drie weken bibberkoud. Van de 22 personeelsleden staan er elke dag een handvol te veel op de vloer. Ontslaan? Geen sprake van, in maart draait de zaak weer op volle toeren. Maar hen volledig doorbetalen terwijl de omzet halveert, dat houdt geen enkele horecazaak vol.

Voor precies die situatie bestaat tijdelijke werkloosheid. Het is geen noodrem, het is een gewoon beheersinstrument. En toch zien we bij Shyfter dat veel zaakvoerders het pas ontdekken wanneer het water hen al aan de lippen staat. Zonde, want wie het mechanisme op voorhand kent, plant er zijn hele jaar rond.

Wat is tijdelijke werkloosheid precies?

Tijdelijke werkloosheid betekent dat de arbeidsovereenkomst tijdelijk wordt geschorst. Niet beëindigd. De werknemer blijft in dienst, houdt zijn anciënniteit, en keert terug zodra er weer werk is. Tijdens de schorsing betaalt u geen loon, en de RVA betaalt een werkloosheidsuitkering.

Dat is het grote verschil met een ontslag. Bij een ontslag speelt de opzegtermijn en soms een verbrekingsvergoeding. Wilt u weten hoe die termijn wordt berekend, dan leest u dat na in onze gids over de opzegtermijn. Bij tijdelijke werkloosheid is er niets van dat alles. U drukt op pauze, en later op play.

Let op één zaak. Tijdelijke werkloosheid is iets helemaal anders dan het gewaarborgd loon dat u bij ziekte betaalt. Ziekte is een individuele afwezigheid die u draagt. Tijdelijke werkloosheid gaat over een gebrek aan werk in de zaak zelf. Twee sporen, twee logica's.

De verschillende vormen

De wet kent verschillende oorzaken die een schorsing rechtvaardigen. De meest gebruikte in de horeca en de retail:

  • Economische redenen: te weinig werk door een daling van de activiteit. Veruit de meest voorkomende vorm.
  • Slecht weer: vooral relevant voor de bouw en voor buitenwerk, denk aan een vorstperiode.
  • Technische stoornis: een machine of installatie valt uit en er kan even niet gewerkt worden.
  • Overmacht: een onvoorziene gebeurtenis die het werk plots onmogelijk maakt, zoals een brand of een overstroming.

Elk van die vormen heeft eigen regels en eigen formulieren. Voor de dagelijkse praktijk van een winkel of een restaurant draait het bijna altijd om de economische reden. Daar gaan we dus dieper op in.

Economische werkloosheid voor arbeiders

Voor arbeiders bestaat het systeem al decennia. De logica is eenvoudig: is er in een bepaalde periode onvoldoende werk, dan mag u de uitvoering van het contract schorsen. Volledig of gedeeltelijk.

Bij een volledige schorsing legt u het werk voor een aaneengesloten periode stil, met een maximum van vier weken. Daarna moet er minstens één volledige werkweek gepresteerd worden voor u een nieuwe periode van volledige schorsing kunt inroepen. Die verplichte werkweek is geen detail; wie ze vergeet, riskeert dat de RVA de uitkeringen weigert.

Bij een gedeeltelijke schorsing blijft er wel wat activiteit, maar minder dan een voltijdse week. Denk aan een regeling van enkele dagen werken en de rest werkloos. Die formule mag langer lopen, tot drie maanden, op voorwaarde dat het aantal werkdagen onder een bepaalde drempel blijft.

Concreet moet u de schorsing minstens zeven kalenderdagen vooraf elektronisch meedelen aan de RVA. Die termijn is heilig. Een brasserie die op maandag beslist dat ze woensdag mensen thuislaat, komt te laat. Plan dus vooruit, ook al voelt dat tegennatuurlijk aan wanneer de omzet net wegvalt.

Economische werkloosheid voor bedienden

Hier wordt het strenger. Lang bestond er voor bedienden geen economische werkloosheid; die mogelijkheid is er pas later gekomen, en ze blijft aan strikte voorwaarden gebonden. Sinds 1 januari 2026 verloopt dat via CAO nr. 183, die de vereenvoudigde procedure verlengt tot 30 juni 2029.

De kernvoorwaarde: uw onderneming moet erkend zijn als een onderneming in moeilijkheden. Dat toont u aan op één van deze manieren:

  • een daling van minstens 10% van de omzet, de productie of de bestellingen ten opzichte van een referentiejaar;
  • een bepaald percentage economische werkloosheid bij uw arbeiders in het voorbije kwartaal;
  • een erkenning door de minister van Werk op basis van onvoorziene omstandigheden.

Er moet ook een sectorale CAO, een ondernemings-CAO of een ondernemingsplan bestaan dat de invoering regelt. Zonder dat kader kunt u de economische werkloosheid voor bedienden niet inroepen. Werkt uw zaak met een sociaal secretariaat, laat hen dat kader dan tijdig opstellen. Improviseren lukt niet in dit dossier.

Wat we op het terrein het vaakst zien misgaan? Een handelszaak die pas in volle crisis ontdekt dat ze geen geldig ondernemingsplan heeft, en dus haar bedienden niet tijdelijk werkloos kán stellen. Het kader hoort klaar te liggen vóór u het nodig heeft.

Hoeveel bedraagt de uitkering in 2026?

De werknemer krijgt van de RVA een uitkering gelijk aan 65% van zijn gemiddelde brutoloon. Dat loon is begrensd: er wordt maximaal rekening gehouden met 3.500,99 euro per maand, een bedrag dat sinds 1 maart 2026 geïndexeerd is. Op die uitkering houdt de RVA nog 26,75% bedrijfsvoorheffing in.

Een rekenvoorbeeld maakt het duidelijk. Neem een verkoper in een meubelzaak in Kortrijk met een brutoloon van 2.800 euro. Zijn uitkering bedraagt ongeveer 65% daarvan, dus grosso modo 1.820 euro bruto op maandbasis, waarvan nog de bedrijfsvoorheffing af gaat. Voor iemand die meer verdient dan het plafond wordt de berekening op 3.500,99 euro gemaakt, niet op het volledige loon. Het verschil met een normaal maandloon voelt de werknemer dus wel degelijk.

Daar komt een belangrijk stuk bij. Als werkgever betaalt u bovenop de RVA-uitkering een toeslag per dag werkloosheid. Voor bedienden legt CAO nr. 183 een minimum vast van 6,59 euro per werkloosheidsdag in 2026, een bedrag dat elk jaar op 1 januari mee-indexeert. Voor arbeiders wordt de toeslag doorgaans op sectorniveau bepaald, via het paritair comité. Reken dus niet enkel op de uitkering van de RVA; uw eigen bijdrage hoort in de begroting.

De aanvraag, stap voor stap

De procedure is de voorbije jaren grotendeels gedigitaliseerd, maar de volgorde blijft dezelfde.

Eerst informeert u uw werknemers. Zij hebben recht om te weten wanneer en hoe lang ze thuisblijven. Vervolgens stuurt u de verplichte mededeling naar de RVA, elektronisch en binnen de wettelijke termijn van zeven kalenderdagen. Voor elke maand waarin iemand tijdelijk werkloos is, doet u daarna een aangifte van de werkloosheidsuren, zodat de RVA de uitkering correct kan berekenen.

De werknemer zelf moet één keer een uitkeringsaanvraag indienen bij zijn uitbetalingsinstelling, dat is de vakbond of de Hulpkas. Daarna verloopt alles via uw maandelijkse aangiftes. Klinkt overzichtelijk, en dat is het ook, zolang u de termijnen respecteert en de gepresteerde uren kloppen.

En laat dat nu net het pijnpunt zijn. Wie zijn uren met de hand bijhoudt in een oud rooster op papier, maakt fouten. Een dag verkeerd, een halve shift vergeten, en de aangifte klopt niet meer met de realiteit.

Voorkomen is goedkoper dan schorsen

Tijdelijke werkloosheid is nuttig, maar het is en blijft een pleister. De echte winst zit in de planning. Wie zijn bezetting strak afstemt op de verwachte drukte, heeft minder dode uren en dus minder nood aan schorsingen.

Neem een kledingwinkel in Hasselt die haar personeel elke week op dezelfde manier inroostert, ongeacht de verwachte klantenstroom. Op een rustige dinsdag staat het personeel te veel, op zaterdag te weinig. Door de bezetting te laten meebewegen met de cijfers verdwijnt een groot deel van dat verlies. Daar helpt een doordacht uurrooster meer dan eender welke uitkering.

En voor die scherpe pieken en dalen? Daar bewijst een flexi-job vaak zijn nut, als aanvulling op uw vaste ploeg. Zo houdt u de vaste loonkost beheersbaar zonder telkens naar tijdelijke werkloosheid te moeten grijpen. Vergeet daarbij niet dat elke tewerkstelling, ook een flexi, correct via de Dimona-aangifte moet gebeuren.

Bij Shyfter zien we het patroon elke maand terugkomen. Zaken die vooruit plannen, gebruiken tijdelijke werkloosheid gericht en met mate. Zaken die achter de feiten aanlopen, gebruiken het als brandblusser, en betalen daar telkens weer een prijs voor. Het verschil zit niet in de wetgeving. Het zit in het overzicht.

Veelgestelde vragen

Blijft mijn werknemer in dienst tijdens tijdelijke werkloosheid?

Ja. De overeenkomst wordt enkel geschorst, niet verbroken. De anciënniteit loopt door en de werknemer keert terug zodra er weer werk is.

Mag een werknemer weigeren om tijdelijk werkloos te worden gesteld?

Nee, als de procedure correct verloopt en de wettelijke voorwaarden vervuld zijn, is de schorsing bindend. De werknemer kan wel altijd de correctheid van de aangifte laten nakijken door zijn vakbond.

Kan ik iemand tijdelijk werkloos stellen en tegelijk een flexi-jobber inzetten?

Voorzichtig. U kunt geen mensen tijdelijk werkloos stellen wegens werkgebrek en ondertussen datzelfde werk door anderen laten doen. Dat ondergraaft de reden zelf. Een flexi-job is er om structurele pieken op te vangen, niet om geschorst personeel te vervangen.

Hoe lang mag tijdelijke werkloosheid duren?

Dat hangt af van de vorm en het statuut. Voor arbeiders is een volledige schorsing beperkt tot vier weken, een gedeeltelijke tot drie maanden. Voor bedienden gelden aparte maxima per kalenderjaar. Uw sociaal secretariaat rekent het precieze plafond voor uw situatie uit.

Krijgt de werknemer zijn volledige loon?

Nee. De uitkering bedraagt 65% van het begrensde brutoloon, plus de toeslag die u als werkgever betaalt. Onder het plafond blijft het netto-inkomen dus lager dan een gewerkte maand.

Klaar om uw planning slimmer aan te pakken?

Tijdelijke werkloosheid beheert u het best voordat u ze nodig hebt. Met een planning die meebeweegt met uw drukte, een correcte urenregistratie en een duidelijk overzicht van uw loonkost houdt u de controle, ook in een magere maand.

Wilt u zien hoe Shyfter dat concreet maakt voor uw zaak? Vraag een gratis demo aan en we tonen u in een half uur hoe uw planning, pointage en loonvoorbereiding op één plek samenkomen.

Bronnen: Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA), FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, CAO nr. 183. Bedragen geïndexeerd op 1 maart 2026. Deze gids is informatief en vervangt geen juridisch advies; stem uw concrete dossier af met uw sociaal secretariaat.

Icône Shyfter

Klaar om uw HR-beheer te transformeren?

Shyfter is veel meer dan een eenvoudige planningstool. Het is een complete personeelsbeheer software en HR-management oplossing, ontworpen om uw workforce management te vereenvoudigen en u kostbare tijd te besparen.